Oudhuyzersloep Wilnis Oudhuijzen dankt zijn naam aan de houten huizen ( houthusen ) die hier vroeger stonden.
Twee eeuwen geleden waren in deze veengebieden scheepjes onmisbaar bij de dagelijkse arbeid. Veenlieden, vissers, turfschippers en boeren stelden allemaal hun specifieke eisen aan de pramen die ze voor het vervoer van hun producten nodig hadden.
Om een idee te krijgen van de grootte van beide dorpen: In 1800 telt Wilnis 1139 inwoners, in 1817 is dat gegroeid naar 1218. Het dorp Oudhuizen samen met het gehucht De Geer telt in 1846 52 huizen bewoond door 84 huisgezinnen, "uitmakende eene bevolking van 410 inwoners". In 1870 tellen beide dorpen 1966 zielen waarvan 1002 Rooms Katoliek; 936 Nederland Hervormd; 26 Gereformeerd en 2 Luthers. In 1858 worden beide dorpen voor de derde maal met elkaar samengevoegd onder de naam Wilnis. Op dezelfde plaats waar tweehonderd jaar geleden scheepsbouwers van naam als Klaas Hogenhout en Jan Stam zonder mankeren aan het diverse wensenpakket van hun opdrachtgevers tegemoet kwamen, wordt nu de Oudhuyzersloep gebouwd. De houten huizen staan er niet meer. Wat is gebleven, is de liefde voor het oude ambacht, die nu vanzelfsprekend wordt gecombineerd met kennis van de modernste technieken. Ook onveranderd is de bereidheid tegemoet te komen aan de uiteenlopende wensen van de klant. Klantvriendelijk vakmanschap doet in de Oudhuyzersloep het verleden op harmonieuze wijze samengaan met het heden. |